Erkende inlogmiddelen

Op dit moment is het nog toegestaan om een eigen inlogmethode te gebruiken voor digitale zorgvoorzieningen. Zodra de Wet digitale overheid van kracht is, mag - na een overgangstermijn - alleen een door de overheid erkend inlogmiddel gebruikt worden, zoals DigiD. De wet regelt dat er naast DigiD op termijn ook andere inlogmiddelen kunnen worden erkend, mits ze aan een aantal strenge eisen voldoen. Naast DigiD bent u verplicht ook deze toekomstige erkende inlogmiddelen te accepteren. Voor academische ziekenhuizen en zorgverzekeraars geldt daarnaast ook de verplichting erkende inlogmiddelen uit andere Europese landen te accepteren (eIDAS verordening).

Nieuwe erkende inlogmiddelen

De overheid vindt het belangrijk dat veilig inloggen ook met andere erkende middelen kan dan alleen DigiD. Op termijn groeit het aantal erkende inlogmiddelen naar verwachting dus. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties doet onderzoek naar de totstandkoming van een stelsel waarin private middelen kunnen worden toegelaten als erkend inlogmiddel.

Europese erkende inlogmiddelen

Ook in andere Europese landen bieden overheden en publieke organisaties digitale dienstverlening aan. Elk land hanteert daarin een of meerdere ‘eigen’ erkende inlogmiddelen.

Om te waarborgen dat burgers in alle EU-landen op eenvoudige en veilige manier zaken met overheden kunnen doen, zijn op Europees niveau afspraken gemaakt. Bijvoorbeeld over een uniform systeem van betrouwbaarheidsniveaus.

In de eIDAS verordening is afgesproken dat organisaties* die met DigiD werken, ook de erkende inlogmiddelen van andere Europese overheden moeten accepteren als inlogmiddel. Nederlandse burgers kunnen DigiD (op termijn) dus ook gebruiken om zaken te regelen bij overheden en publieke organisaties van andere EU-landen en vice versa.

*Vooralsnog geldt deze verplichting alleen voor academische ziekenhuizen en zorgverzekeraars.