‘Snel en adequaat handelen om de minister zo goed mogelijk te ondersteunen’

Het stond al een tijd in de agenda van Ulco de Boer en veel van zijn collega’s bij VWS: 8 oktober, 10.00 tot 14.30 uur, algemeen overleg (AO) over gegevensuitwisseling, eHealth en administratieve lasten. Ulco werkt sinds 1 mei als senior adviseur bij het programma Elektronische gegevensuitwisseling in de zorg. Hij vertelt over zijn ervaringen die dag en wat er achter de schermen bij komt kijken.

“In dit algemeen overleg wisselt de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de Tweede Kamer van gedachten met de minister over beleid. Samen met een collega van mijn directie zit ik in de werkgroep waarin we vanuit het ministerie het AO voorbereiden en coördineren. We beginnen direct alvast met informatie verzamelen over moties en vragen die nog open staan in de Kamer. Grote kans dat die besproken gaan worden in het AO.

Informatie vertalen

De commissie stelt vervolgens de overlegagenda op: de ‘convocatie’. Die wordt een paar weken vóór het AO rondgestuurd. We weten dan wat er besproken gaat worden en kunnen echt aan de slag. De informatie vertalen we naar algemene spreekteksten, factsheets en A4-tjes met vraag-en-antwoord, de Q&A’s, allemaal gesorteerd naar onderwerp van de agenda. Daarmee heeft de minister houvast in haar gesprek met de commissie. Naast mijn directie, de Directie Patiënt en Zorgordening, zijn ook de directies Informatiebeleid en Innovatie & Zorgvernieuwing direct betrokken. In een AO komen in relatief korte tijd tal van onderwerpen langs.

300 pagina’s spreektekst, Q&A’s en factsheets

Iedereen van ons die een Q&A aanlevert, moet tijdens het AO klaar zitten om voor de minister eventuele extra vragen die zij krijgt te beantwoorden. Met de minister wordt het overleg een aantal keren voorbesproken. Welke accenten wil zij leggen in het overleg en wat is de achtergrond van de onderwerpen? Het weekend voor het AO gaat er een papieren tafeldossier van ruim 300 pagina’s aan spreektekst, Q&A’s en factsheets in de tas van de minister.

Samen korte en bondige antwoorden formuleren

Bij het AO van 8 oktober was vanwege corona een beperkter aantal collega’s aanwezig in de Tweede Kamer dan gebruikelijk. We werkten meer vanuit het ministerie, met onder de aanwezigen vier vragenschrijvers. Hun taak is het om alle vragen die de leden van de vaste commissie tijdens het overleg stellen, te notuleren. In bundels van 5 gaan de vragen vervolgens naar een verdeler, en die wijst een beantwoorder aan: 1 van de 56 collega’s die thuis online zijn. Zo nodig houden ze ruggenspraak met andere collega’s, bijvoorbeeld als meerdere directies betrokken zijn bij de vraag. Het doel is snel en adequaat reageren om de minister zo goed mogelijk te ondersteunen. De antwoorden moeten kort en bondig zijn, in spreektekst voorzien van bullets. In een ruimte nabij de vergaderzaal van de Tweede Kamer verzamelen, printen en ordenen collega’s tijdens het AO alle antwoorden voor de minister.

66 vragen in 46 minuten

Elke fractie in de Tweede Kamer krijgt standaard 4 minuten om zijn verhaal te doen en vragen te stellen aan de minister. In dit AO werden in 46 minuten 66 vragen gesteld. Een hectisch moment, want de verdelers moeten de vragen uitzetten waarna de beantwoorders direct een antwoord klaar moeten hebben. Daarbij komt ook nog de antwoordbeoordeling van een MT-lid. Het antwoord moet immers kloppen en uitspreekbaar zijn voor de minister, er mogen bijvoorbeeld geen tabellen of afbeeldingen in zitten. Ook moeten we het overzicht houden of alle vragen daadwerkelijk beantwoord zijn.

Snel antwoord na korte pauze

Na de vragenronde van de Kamerleden volgt een korte pauze. Dat geeft ons de tijd om de laatste antwoorden naar de Kamer te mailen en ze te groeperen voor de minister. In dit AO kregen de Kamerleden 1 uur en 22 minuten na opening van de vergadering antwoord op hun vragen. Ik vond het knap hoe de minister de Kamer toesprak en het gesprek aanging in een technisch en veelzijdig debat – terwijl zij nog maar kortgeleden de portefeuille overnam van Bruno Bruins.

Onzichtbaar proces wordt zichtbaar

Het was mijn eerste AO. Voor mij een bijzondere ervaring: deelnemen aan een proces dat normaal niet zichtbaar is. In theorie weet je waar het om gaat, maar ik had geen idee wat mij in de praktijk te wachten stond. Ik vind het leuk en interessant om bij te dragen aan een samenwerking tussen verschillende directies van VWS en de minister te ondersteunen in parlementaire zaken. Het is goed om te laten zien waar we hier mee bezig zijn.

Toezeggingen

Aan het eind van het overleg heeft de minister verschillende toezeggingen gedaan om de Kamer via Kamerbrieven extra te informeren. 2 dagen na het algemeen overleg krijg ik al een mail om de brieven die zijn toegezegd aan de kamer te coördineren. Ik kijk uit naar het debat over de behandeling van de Wet gegevensuitwisseling in de zorg, ergens in de eerste 3 maanden van komend jaar.”

Portretfoto van Ulco de Boer
Beeld: ©Ulco de Boer / Ulco de Boer